Studentenarbeid
- Ik heb gewerkt als student. Moet ik een belastingaangifte indienen ?
- Ik werk als student. Als mijn werkgever een belasting op mijn loon inhoudt, hoe kan ik die dan terugkrijgen ?
- Ik werk als student. Vanaf welk inkomensbedrag moet ik belastingen betalen ?
- Aan welk tarief word ik belast ?
- Ik werk als student. Ben ik nog ten laste van mijn ouders ?
- Ik werk als student. - Welk is het maximumbedrag van de nettobestaansmiddelen om ten laste te blijven van mijn ouders ?
- Wat wordt er verstaan onder bestaanmiddelen ?
- Hoe wordt het nettobedrag van de bestaanmiddelen bepaald ?
- Waar kan ik terecht voor bijkomende inlichtingen ?
Ik heb gewerkt als student. Moet ik een belastingaangifte indienen ?
Ja. Als u voor 1 juni geen aangifteformulier heeft ontvangen, moet u er zelf een aanvragen bij uw taxatiedienst.
In die aangifte moet u al uw belastbare inkomsten vermelden, d.w.z. ook het deel van de onderhoudsuitkeringen en de bezoldigingen dat niet als bestaansmiddelen wordt beschouwd en waarmee dus geen rekening wordt gehouden om te bepalen of u nog ten laste van uw ouders bent.
Ik werk als student. Als mijn werkgever een belasting op mijn loon inhoudt, hoe kan ik die dan terugkrijgen ?
In principe houdt uw werkgever een belasting in, 'bedrijfsvoorheffing' genaamd, op elk loon dat hij betaalt.
Er wordt geen enkele belasting op uw loon ingehouden als aan de volgende vier voorwaarden is voldaan :
- er bestaat een schriftelijke arbeidsovereenkomst ;
- u werkt niet meer dan 23 dagen in de maanden juli, augustus en september ;
- u werkt niet meer dan 23 dagen tijdens de periodes van niet-verplichte aanwezigheid in de onderwijsinstellingen, met uitzondering van de maanden juli, augustus en september ;
- er is geen enkele sociale zekerheidsbijdrage op uw loon verschuldigd (behalve de solidariteitsbijdrage).
Als uw werkgever toch de bedrijfsvoorheffing heeft ingehouden, zult u deze eventueel kunnen terugkrijgen (volledig of gedeeltelijk) via uw belastingaangifte.
U heeft er dus alle belang bij om een aangifte in te dienen !
Opgelet !
De eventuele door uw werkgever ingehouden sociale zekerheidsbijdragen worden niet terugbetaald !
Ik werk als student. Vanaf welk inkomensbedrag moet ik belastingen betalen ?
Zoals iedereen die aan de personenbelasting onderworpen is, heeft u recht op 'een belastingvrije som'. Dat betekent dat een deel van uw bezoldigingen niet belast wordt.
Voor het inkomstenjaar 2010 bedraagt die belastingvrije som 6.690 euro (als het belastbaar inkomen kleiner is dan 23.900 euro).
Voor de inkomstenjaren 2011 bedraagt die belastingvrije som 6.830 euro (als het belastbaar inkomen kleiner is dan 24.410 euro).
Als uw belastbaar inkomen het bedrag van de belastingvrije som niet overschrijdt, wat overeenkomt met een brutobedrag van 8.511,70 euro* (inkomstenjaar 2010) of 8.690,11 euro (inkomstenjaar 2011), moet u geen belasting betalen.
Als uw belastbaar inkomen dat bedrag wel overschrijdt, is het onderworpen aan belasting. Die belasting is 'progressief', wat wil zeggen dat het belastingtarief stijgt naarmate het inkomen toeneemt.
* Op voorwaarde dat de inkomsten uitsluitend bestaan uit hetzij bezoldigingen, hetzij baten van vrije beroepen of andere winstgevende bezigheden en op voorwaarde dat de beroepskosten forfaitair worden bepaald.
Aan welk tarief word ik belast ?
Het belastingbarema bevat 5 inkomstenschijven en de belasting wordt volgens een progressief tarief van 25 tot 50% berekend. Onderstaande tabel vermeldt de bedragen die van toepassing zijn voor de inkomenstenjaren 2010 en 2011.
| Tarieven | Inkomsten 2010 | Inkomsten 2011 |
|---|---|---|
| 25 % | 0 - € 7.900 | 0 - € 8.070 |
| 30 % | € 7.900 - € 11.240 | € 8.070 - € 11.480 |
| 40 % | € 11.240 - € 18.730 | € 11.480 - € 19.130 |
| 45 % | € 18.730 - € 34.330 | € 19.130 - € 35.060 |
| 50 % | Maar dan € 34.330 | Meer dan € 35.060 |
Voor het inkomstenjaar 2010 bedraagt de belastingvrije som 6.690 euro (als het belastbaar inkomen kleiner is dan 23.900 euro).
Voor het inkomstenjaar 2011 bedraagt de belastingvrije som 6.830 euro (als het belastbaar inkomen kleiner is dan 24.410 euro.
Voorbeeld 1 :
| Belastbaar inkomen 2010 : | € 12.000 | ||
|---|---|---|---|
| Basisbelasting over € 12.000 : | [€ 7.900 x 25%] + [(€ 11.240 - € 7.900 ) x 30%] + [(€ 12.000 - € 11.240 ) x 40% |
= | € 3.281,00 |
| Belasting over de belastingvrije som : | € 6.690 x 25% | = | - € 1.672,00 |
| Verschil (=belasting te betalen) : | € 1.608,50 |
||
Voorbeeld 2 :
| Belastbaar inkomen 2011 : | € 12.000 | ||
|---|---|---|---|
| Basisbelasting over € 12.000 : | [€ 8.070 x 25%] + [(€ 11.480 - € 8.070 ) x 30%] + [(€ 12.000 - € 11.480 ) x 40% |
= | € 3.248,50 |
| Belasting over de belastingvrije som : | € 6.830 x 25% | = | - € 1.707,50 |
| Verschil (=belasting te betalen) : | € 1.541,00 |
||
Ik werk als student. Ben ik nog ten laste van mijn ouders ?
Om ten laste te kunnen zijn van uw ouders, moet u aan de volgende voorwaarden voldoen.
Eerste voorwaarde : deel uit maken van hun gezin
Die voorwaarde moet vervuld zijn op 1 januari van het jaar volgend op het inkomenstenjaar.
Om ten laste te zijn van uw ouders voor het inkomstenjaar 2010 (aangifte 2011) moet u dus op 1 januari 2011 deel uitmaken van hun gezin.
Om ten laste te zijn van uw ouders voor het inkomstenjaar 2011 (aangifte 2012) moet u dus op 1 januari 2012 deel uitmaken van hun gezin.
Opgelet !
Wanneer u tijdelijk de gezinswoning heeft verlaten omwille van studies (u bent bijvoorbeeld tijdens de week op kot), wordt u normaal gesproken nog steeds beschouwd als deel uitmakend van het gezin van uw ouders.
Tweede voorwaarde : geen lonen ontvangen die beroepskosten zijn voor uw ouders.
Bijvoorbeeld, u helpt uw ouders tijdens de vakantie in de familieslagerij. Het loon dat u ontvangt is een beroepskost voor uw ouders. U kunt dan niet als ten laste worden beschouwd !
Derde voorwaarde : uw netto bestaansmiddelen mogen een bepaald bedrag niet overschrijden.
Dat bedrag varieert naargelang uw ouders gezamenlijk of alleen worden belast.
Ik werk als student. Welk is het maximumbedrag van de nettobestaansmiddelen om ten laste te blijven van mijn ouders ?
Dat bedrag varieert naargelang uw ouders gezamenlijk of alleen worden belast.
Onderstaande tabel vermeldt de bedragen voor de inkomstenjaren 2010 en 2011.
| Als uw ouders… | Maximumbedrag nettobestaansmiddelen | ||
|---|---|---|---|
| Inkomsten 2010 (per jaar) |
Inkomsten 2011 (per jaar) |
||
| gezamenlijk worden belast | € 2.830 | €.2.890 | |
| alleen worden belast en u | wordt fiscaal niet als gehandicapt beschouwd | € 4.080 | € 4.170 |
| wordt fiscaal als gehandicapt beschouwd | € 5.180 | € 5.290 | |
Wat wordt er verstaan onder bestaanmiddelen ?
Het begrip 'bestaansmiddelen' is zeer breed. Het gaat om alle regelmatig of toevallig verworven inkomsten, zoals bijvoorbeeld :
- lonen
- inkomsten van onroerende goederen waarvan u eigenaar bent (als u meerderjarig of ontvoogd bent)
- inkomsten van kapitalen (als u meerderjarig en ontvoogd bent)
- onderhoudsuitkeringen
Worden daarentegen niet als bestaansmiddelen beschouwd :
- de eerste schijf van 2.360 euro (voor de inkomstenjaar 2010) of de eerste schijf van 2.410 euro (inkomstenjaar 2011) van de bezoldigingen verkregen door studenten in uitvoering van een overeenkomst voor tewerkstelling van studenten
- onderhoudsuitkeringen die ingevolge een gerechtelijke beslissing met terugwerkende kracht zijn toegekend of waarvan het bedrag werd verhoogd en die zijn betaald na het jaar waarop ze betrekking hebben
- de eerste schijf van 2.830 euro (inkomstenjaar 2010) of de eerste schijf van 2.890 euro (inkomstenjaar 2011) van de regelmatige betaalde onderhoudsuitkeringen die aan de kinderen zijn toegekend
- wettelijke kinderbijslagen, kraamgelden en adoptiepremies
- studiebeurzen
- premies voor het voorhuwelijkssparen
- inkomsten verkregen door een gehandicapte persoon, die in principe recht heeft op de tegemoetkomingen aan gehandicapten zoals bepaald in de wet van 27 februari 1987, ten belope van het maximumbedrag waarop deze persoon volgens deze wet recht heeft
- bezoldigingen verkregen door gehandicapten ingevolge hun tewerkstelling in een erkende beschutte werkplaats
Hoe wordt het nettobedrag van de bestaanmiddelen bepaald ?
Het bedrag van de bestaansmiddelen waarmee rekening wordt gehouden, is een nettobedrag.
Dat betekent dat van het ontvangen bedrag, een aantal kosten mogen worden afgetrokken.
Die kosten zijn :
- ofwel de werkelijk bewezen kosten
- ofwel een forfaitair bedrag van 20%, met een minimum van 390 euro (voor het inkomstenjaar 2010) of 400 euro (voor het inkomstenjaar 2011) voor de bezoldigingen en de baten van vrije beroepen of andere winstgevende bezigheden.
Om het nettobedrag van de bestaansmiddelen te berekenen, moet u steeds van het brutobedrag vertrekken.
Lonen
Voor bestaansmiddelen die bestaan uit lonen, is het brutobedrag gelijk aan het bedrag dat wordt bekomen :
- na aftrek van de sociale bijdragen
- maar voor aftrek van de belasting die aan de bron is ingehouden (bedrijfsvoorheffing). Als geen enkele belasting aan de bron werd ingehouden, stemt het brutobedrag dus overeen met het werkelijk betaalde bedrag.
Voorbeeld
- brutoloon : 5.000 euro
- terugbetaling van de kosten voor woon- werkverplaatsingen : 25 euro
- ingehouden sociale bijdragen : 15 euro
- belasting ingehouden aan de bron : 50 euro
Het werkelijk betaalde bedrag bedraagt dus 5.000 euro + 25 euro - 15 euro - 50 euro = 4.960 euro maar het brutobedrag van de bestaansmiddelen is gelijk aan : 5.000 euro + 25 euro - 15 euro = 5.010 euro
Opgelet !
Indien dit loon verkregen is in uitvoering van een overeenkomst voor tewerkstelling van studenten, moet u (voor het inkomstenjaar 2010) 2.360 euro en (voor het inkomstenjaar 2011) 2.410 euro aftrekken om het brutobedrag van de bestaansmiddelen te verkrijgen !
Onderhoudsuitkeringen
Wanneer de bestaansmiddelen bestaan uit regelmatige betaalde onderhoudsuitkeringen te verkrijgen die u van een van uw ouders ontvangen heeft, moet u van dat bedrag 2.830 euro (voor het inkomstenjaar 2010) of 2.890 euro (voor het inkomstenjaar 2011) aftrekken om het brutobedrag van de bestaandsmiddelen te verkrijgen. Die eerste schijf van onderhoudsuitkeringen wordt niet als bestaansmiddelen beschouwd.
Zo wordt bv. voor een onderhoudsuitkering van 3.000 euro, die u in 2011 werd toegekend door uw vader, enkel het deel boven 2.890 euro, d.w.z. 110 euro als brutobestaansmiddel beschouwd.
Voorbeeld 1
U bent student en woont samen met uw moeder en haar tweede echtgenoot. U werkt in 2011 volgens een overeenkomst voor tewerkstelling van studenten. Na aftrek van de sociale zekerheidsbijdragen ontvangt u voor deze job 5.000 euro. Aan de bron werd geen belasting ingehouden. U bewijst geen werkelijke kosten. Van uw vader ontvangt u in 2011 een onderhoudsuitkering van 5.000 euro.
Wat is het nettobedrag van uw bestaansmiddelen?
| Inkomsten 2011 | Bruto bestaansmiddelen | Forfaitaire kosten | Netto bestaansmiddelen |
|---|---|---|---|
| Loon : € 5.000 | € 5.000 - € 2.410 = € 2.590 |
€ 2.590 x 20% = € 518 |
€ 2.590 - € 518 = € 2.072 |
| Ontvangen onderhoudsuitkering : € 5.000 | € 5.000 - 2.890 = € 2.110 |
€ 2.110 x 20% = € 422 |
€ 2.110 - € 422 = € 1.688 |
| Totaal bedrag van de netto bestaansmiddelen | € 3.760 | ||
Uw moeder en haar tweede echtgenoot worden gezamenlijk belast en het nettobedrag van uw bestaansmiddelen overschrijdt 2.890 euro (= maximumbedrag voor de inkomsten 2011). U wordt dus voor het inkomstenjaar 2011 fiscaal niet meer als ten laste van uw moeder en haar tweede echtgenoot beschouwd.
Voorbeeld 2
U bent student en woont bij uw moeder, die gescheiden is en dus als alleenstaande wordt belast. U werkt in 2011 volgens een overeenkomst voor tewerkstelling van studenten. Na aftrek van de sociale zekerheidsbijdragen ontvangt u voor deze job 4 000 euro. Aan de bron werd geen belasting ingehouden. U bewijst geen werkelijke kosten. Van uw vader ontvangt u in 2011 een onderhoudsuitkering van 5.000 euro.
| Inkomsten 2011 | Bruto bestaansmiddelen | Forfaitaire kosten | Netto bestaansmiddelen |
|---|---|---|---|
| Loon : € 4.000 | € 4.000 - € 2.410 = € 1.590 |
€ 1.590 x 20% = € 318 met een minimum van € 400 |
€ 1.590 - € 400 = € 1.190 |
| Ontvangen onderhoudsuitkering : € 5.000 | € 5.000 - € 2.890 = € 2.110 |
€ 2.110 x 20% = € 422 |
€ 2.110 - € 422 = € 1.688 |
| Totaal nettobedrag van de bestaansmiddelen | € 2.878 | ||
U bent nog fiscaal ten laste van uw moeder voor het inkomstenjaar 2011 want zij wordt als alleenstaande belast en het bedrag van uw nettobestaansmiddelen is niet hoger dan 4.170 euro (= maximumbedrag voor de inkomsten 2011).
Waar kan ik terecht voor bijkomende inlichtingen ?
Voor meer inlichtingen over de weerslag van de studentenarbeid op de belastingtoestand van de student en die van zijn ouders kunt u terecht bij :
- Het contactcenter van de Federale Overheidsdienst FINANCIEN : 0257/257 57
